Nenne, onze buurvrouw, van toen we nog jaren geleden op de Torenlaan woonden, is jarig. Ze wordt tachtig en heeft ons uitgenodigd voor een feestelijke lunch op Kasteel De Hooge Vuursche op zaterdagmiddag. We hebben ruim 13 jaar naast haar gewoond, dat was ook nog in de tijd dat haar man Henk nog leefde. Onze Joost ging als mannetje van een jaar of vijf vaak bij haar op bezoek voor limonade met een koekje en mocht dan voorzichtig op de prachtige Bosendorfer vleugel, die in de voorkamer stond, wat pingelen. Nu twintig jaar later, denkt hij daar nog met warme gevoelens van geborgenheid aan terug. Tot haar grote spijt heeft Nenne zelf geen kinderen gekregen.
Het is zaterdag tegen twaalven als we keurig gekleed, Nenne houdt daarvan, aankomen bij het Kasteel. We worden hartelijk welkom geheten door de manager, die Ria goed kent wegens de vele huwelijken die ze hier heeft gesloten en krijgen een glaasje champagne aangeboden. Een groot deel van het gezelschap, dat bestaat uit naaste familie en vrienden van Nenne en toch wel zeker zo’n zestig man telt, is al aanwezig. Nenne is blij ons te zien. Ze geniet van al die dierbaren om haar heen. Na een kort welkomstwoord van een neef worden we uitgenodigd om aan tafel te gaan.
Na het voorgerecht komt de verrassing. We worden gevraagd ons naar een tegenoverliggende zaal te begeven, waar stoelen in rijen staan opgesteld en aan het eind staat een zwart glimmende vleugel geduldig te wachten. Dat moet mooi worden en bijzonder, in de lijn van Nenne. Haar leven heeft altijd in het teken gestaan van de muziek, zo is ze sopraan geweest in het Goot Omroepkoor.
Vol verwachting gaan we zitten en ik begin me af te vragen wie op deze zaterdagmiddag voor ons zal gaan spelen. En dan gaat links opzij een schuifdeur open. Een kleine, licht getinte gestalte, strak in het pak, breed lachend, staat ineens voor ons: Wibi Soerjadi. Een applaus vol verrassing klinkt op. Wibi buigt en gaat zitten en het wordt muisstil. De eerste tonen van de prachtige Nocturne opus 9 nr 2 in Es van Chopin vullen de ruimte, het muziekstuk dat een centrale rol speelde in de indrukwekkende film The Pianist van Roman Polanski. Ik laat me meevoeren met de muziek. Het vooral niet denken, maar een zijn met de muziek, gaat als vanzelf.
Als de laatste tonen zijn weggestorven neemt Wibi het woord en zegt dat hij alleen bij hoge uitzondering voor kleine gezelschappen concerten geeft, maar dat de vonk oversloeg omdat ook zijn lievelingsvleugel een Bosendorfer is. Mooi is dat, zo’n besluit nemen vanuit de wederzijdse muziek beleving. Deze middag speelt Wibi echter niet op een Bosendorfer, maar op een Fazioli, ook bijzonder, die speciaal daarvoor naar het Kasteel is gebracht.
Het volgende stuk dat hij voor ons gaat spelen, heeft hij gecomponeerd voor zijn moeder. Het heet ‘Voor Mama’ en vertolkt haar muzikale levensreis: Het kind – De moeder – De zorg – De wijsheid – Erkenning – Herkenning – Kracht – Het blijvende kind – Geborgenheid. Dat zijn de delen.
Weer een moment van stilte en concentratie en Wibi begint. De meesterlijk virtuositeit en de grote bewogenheid van het prachtige pianospel raakt ons hart. Het begin laat het uiterst tere wiegelied thema horen van ‘Het kind’ en via de mooie delen van de levensreis eindigt de muziek bij ‘Het blijvende kind’ en ‘Geborgenheid’. Het wiegelied thema komt hierin weer terug, maar nu gelardeerd met warme tonen van de verworven wijsheid, kracht en herkenning. De cirkel van het leven is weer rond.
Het doet mij op dat moment beseffen dat het kind in ons, weliswaar diep verborgen, altijd blijft en dat hoe ouder we worden in onze zoektocht naar wie we zijn, we steeds dichter bij dat pure kind terugkomen, dat zich in ons nestelde toen we nog maar pas geboren waren. De cirkel wil zich inderdaad ronden.
Is het niet zo dat het zijn van Oma en Opa, na vaak al een bewogen levensreis, waarin ambitie allengs meer plaats heeft gemaakt voor betekenis, zingeving en verankering, ‘Het blijvende kind’ in ons wakker roept? Als dat zo is, zou dan als we ouder worden en Oma en Opa zijn geworden het ‘wie we werkelijk zijn’ weer naar de oppervlakte kunnen komen, en tonen we onszelf aan ‘Het kind’ in puurheid en onbevangenheid? Ja, ik geloof dat die kans binnen ons bereik ligt.
‘Het blijvende kind’ bevindt zich niet in ons hoofd, maar in ons hart en geeft ons de mogelijkheid om ons ten diepste te verbinden met ons pasgeboren kleinkind. Onze warme hartstonen van ‘Het blijvende kind’ resoneren dan met hetzelfde, nog tere wiegelied thema ‘Het kind’ van ons kleinkind, en geven het Geborgenheid mee. Dit gaat van hart tot hart, immers ons piepjonge kleinkind leeft gelukkig nog niet vanuit zijn hoofd.
Op een zondagmorgen om zeven uur in de ochtend wordt er zachtjes op de deur van onze slaapkamer geklopt en de kleine, toen nog maar vier weken oude Dook, wordt tussen ons in bed toevertrouwd door de beide stralende ouders. Dit wordt ons van harte gegund, ze laten ons zomaar alleen met Dook. Ik voel een golf van geluk door mij heengaan als Ik mijn hoofd vlak naast hem neerleg en naar zijn gave gezichtje en spartelende armpjes kijk. Dan treffen onze ogen elkaar en als ik zachtjes tegen hem begin te praten spannen de bolle wangetjes zich en ontvouwt zich het eerste lachje op zijn gezichtje. Wat een feest. Dit is niet aangeleerd, dit is puur. Het moet wel zo zijn dat dan zijn kleine hartje naar mijn hart luistert, en dat we dus op dat moment diep met elkaar verbonden zijn. ‘Het kind’ met ‘Het blijvende kind’. Dit moment vergeet ik nooit meer en ik weet zeker dat bij Dook nu het eerst zaadje van een blijvende gevoelsband is gelegd.
‘Het blijvende kind’, dat zich gelukkig naarmate we ouder en vervolgens Oma en Opa worden, steeds meer in ons durft te manifesteren, is ons natuurlijke vermogen om die gevoelsband met ons kleinkind aan te kweken. Daarom zijn Oma’s en Opa’s zo belangrijk, zij hoeven zich niet meer zo nodig te bewijzen, de verankering en de manifestatie van ‘Het blijvende kind’ legt de kiemen van een diepe relatie met onze kleinkind. Het zorgt voor het gevoel van geborgenheid, waar ieder kind naar verlangt en wat zo belangrijk is voor hun geestelijke ontwikkeling.
Is het zingen van een mooie wiegeliedje voor het slapen gaan door oma of opa niet het mooiste geschenk wat je het kind kunt geven?
Boy van Droffelaar, PhD



